dinsdag 24 november 2009

De mallemolen van de thuiszorg

Ik had vandaag een gesprek met mijn alfahulp toen ze bezig was met mijn huishouden. Of ik al wist dat het niet zeker was dat ik na 1 januari hulp van haar zou krijgen. Dat wist ik. Onlangs heb ik weer een brief gekregen van mijn thuiszorgorganisatie waarin ik er op gewezen werd dat de jaarlijkse veiling op de thuiszorgmarkt weer zou gaan plaatsvinden. Elk jaar weer moeten thuiszorgorganisaties een aanbod doen. De gemeente kiest dan voor de organisatie met de laagste prijs. Als klant mag je een voorkeur uitbrengen, maar dat wil niet zeggen dat je de organisatie van jouw voorkeur ook krijgt. Als je niets aangeeft dan weet je dat er zeker geen rekening wordt gehouden met je voorkeur. Ik zou het jammer vinden als ik mijn huidige hulp zou kwijtraken want ik ben erg tevreden over haar. Je weet nooit wat je er voor terugkrijgt. De kans dat je een werkstudent krijgt die niet weet hoe je een huis moet schoonmaken is erg groot.Bovendien heb ik al meer verschillende mensen over de vloer gehad dan me lief is. Je moet toch een vreemde toelaten in je privesfeer. De kwaliteit van de verschillende thuiszorgorganisaties loopt niet erg uiteen. Die is over de hele linie slecht. Een veiling is wat dat betreft niet nodig. Sterker nog; de slechte kwaliteit van de thuiszorgorganisaties wordt veroorzaakt door het veilingssysteem. Dit drukt de prijzen, waardoor de thuiszorgorganiaties niet de kwaliteit kunnen leveren die nodig is. Ze moeten wel slecht betalen, waardoor ze grote moeite hebben om aan personeel te komen,laat staan aan bekwaam personeel. De marktwerking in de thuiszorg werkt niet! Het wordt hoog tijd voor een ander systeem.

maandag 23 november 2009

vrijdag 20 november 2009

donderdag 19 november 2009

xs4all laat linux gebruikers in de kou

Onlangs heb ik mijn internet abonnement bij Telfort opgezegd en me aangemeld bij xs4all. Ik deed dit in de veronderstelling dat xs4all de beste provider van Nederland is. Een provider die werkelijk verstand heeft van computers en een hart heeft voor de gebruikers. Xs4all heeft een reputatie hoog te houden. Je zou mogen verwachten dat linux gebruikers bij xs4all met open armen worden ontvangen en dat al hun diensten voor linux geschikt zouden zijn. Ik ben op een ruwe wijze uit mijn droom gewekt. Xs4all biedt zijn abonnees gratis mobiel internet hebt. Tenzij je linux gebruikt. Linux gebruikers zijn dus tweederangs klanten bij xs4all. Pech joh, waarom gebruik je geen windows zoals iedereen? Moet je maar niet zo moeilijk doen. Een dergelijke mentaliteit verwacht je bij goedkope internetboeren zoals Telfort of Tele2, maar niet bij xs4all. Noblesse oblige. Het is zeker niet onmogelijk om mobiel internet te leveren voor linux. Er zijn zat providers die dat doen. Ik zou zeggen xs4all doe er wat aan! Nogmaals; noblesse oblige! Ik hoop niet dat ik meer van dit soort teleurstellende ervaringen met xs4all moet doormaken. In dat geval ben ik na een jaar weer weg bij xs4all. Dan blijkt dat xs4all niets is dan een te dure internetboer.

woensdag 18 november 2009

Hannah en Martin

Afgelopen donderdag ben ik met een vriend naar het toneelstuk Hannah en Martin geweest. Dit is een uitvoering door de toneelgroep mug met de gouden tand.

http://www.mugmetdegoudentand.nl/actueel/index.html

Het stuk is gebaseerd op de relatie tussen de filosofen Martin Heidegger en Hannah Arendt. Het wordt gespeeld door de acteurs Lineke Rijxman en Willem de Wolf. Rijxman is voor haar rol als Hannah Arendt terecht onderscheiden met een Theo d'Or. Het stuk speelt zich voor een groot deel op een meta-niveau af. We zien twee acteurs die kibbelen over de vraag hoe ze een toneelstuk zullen maken over de relatie tussen Heidegger en Arendt. Soms spelen ze een stukje als Heidegger en Arendt. Rijxman speelt een keer in het stuk de rol van Eichmann. Het blijkt een constructie te zijn die goed werkt. Het geeft de gelegenheid voor de acteurs om hun eigen gedachten over deze filosofen in hun toneelstuk naar voren te brengen. Vooral Rijxman geeft er blijk van zich de stof goed eigen gemaakt te hebben. Als filosoof heb ik natuurlijk met de nodige belangstelling naar dit stuk gekeken. Er zaten geen ernstige missers in. Wel viel het mij op dat de filosofie van Heidegger wel erg schetsmatig werd neergezet. Het werd niet goed duidelijk wat nou specifiek Heideggers positie is binnen de fenomenologie. Wat Hannah Arendt betreft viel het me op dat vooral de denkbeelden uit On Totalitairianism en Eichmann in Jerusalem naar voren kwamen. The Human Condition, toch het belangrijkste werk van Arendt, kwam eigenlijk niet aan bod. Hetzelfde geldt voor haar laatste werk; The Life of the Mind. De vraag is of dat erg is. Ik denk van niet. Ik hoop dat de belangstelling voor deze filosofen door deze voorstelling bij de toeschouwers wordt gewekt en dat ze zich daar verder in gaan verdiepen. In dit verband is de vraag of deze voorstelling toegankelijk is voor mensen die niet thuis zijn in de filosofie belangrijker. Het is natuurlijk zware kost. Gelukkig werd het jargon vermeden en zat er de nodige humor in het stuk. Dat maakt het een stuk makklijker te verteren. Ook op dit punt lijkt me de voorstelling geslaagd. Ik hoop nog meer van dit soort theater te zien.

donderdag 12 november 2009

Fuga’s



Het luisteren naar muziek kan aanleiding zijn tot diepe filosofische gedachten. Tijdens het luisteren naar Bach op het Festival Oude Muziek kwamen er allerlei filosofische gedachten bij mij op. Tegelijkertijd werd ik emotioneel geraakt. De muziek van Bach is dus van een ongelooflijke rijkdom.
Op 3 september zijn we met een groepje mensen samen met de geestelijk verzorger van het DAC, Francis Benhtem, naar het Festival Oude Muziek in Utrecht geweest. Dit is een uitje dat jaarlijks wordt georganiseerd. Naast mensen uit Leiden gingen er ook een aantal mensen uit Alphen aan de Rijn mee. Het was een gezellige groep. We naar twee concerten geweest; een ‘s ochtends en een ’s middags. Tijdens het middagconcert werden er twee fuga’s van Bach gespeeld. Het toeval wil dat ik net een boek aan het lezen was dat onder andere over de fuga’s van Bach gaat. Ik was Gödel, Escher, Bach van Douglas Hofstadter aan het lezen. In dit boek gaat het onder andere over fuga’s, al is dat niet het eigenlijke onderwerp van het boek. Zodoende had ik het een en ander over fuga’s geleerd. De fuga is geen makkelijke muziekvorm.
Een fuga is een tamelijk intellectueel soort muziek waarin een componist goed kon laten zien wat hij allemaal kan. Het is een strenge compositievorm uit de polyfonie. Bach is de grote meester van de fuga. Een fuga (it.: Ricercare, zoeken, 'Fuga' komt van het Latijnse fugere, vluchten) is een muziekvorm waarin meerstemmigheid (contrapunt) en gevarieerde herhaling een hoofdrol speelt. Het belangrijkste thema wordt subject genoemd, en wordt als eerste eenstemmig gespeeld. De eerste inzet is doorgaans op de tonica en heet dux. Het tweede thema van het subject is doorgaans op de dominant en wordt comes genoemd. De melodie die in contrapunt tot het subject staat, heet contrasubject. Een fuga heeft meerdere episodes, de eerste wordt ook wel expositie genoemd, omdat daaruit blijkt uit hoeveel stemmen de fuga bestaat. De episodes worden doorgaans onderbroken door korte divertimenti waarin op het materiaal van de thema's wordt gevarieerd. Elke expositie kenmerkt zich door een specifiek gebruik van bepaalde toonsoorten en themabehandelingen. Zo zijn er diverse contrapuntische technieken, zoals:

* inverse (horizontale spiegeling van het subject)
* retrograde (het subject achterstevoren)
* stretto (versnelde opeenvolging van thema-inzetten)
* augmentatie (proportionele vergroting van de notenwaarden, verlangzaming)
* diminutie (proportionele verkleining van de notenwaarden, versnelling)

Een dubbelfuga is een fuga waarin elk subject steeds tegelijkertijd met een vast contrasubject verschijnt, bijvoorbeeld het Kyrie eleison uit het Requiem van Mozart.

De meester van de fuga is Johann Sebastian Bach, die talloze fuga's gecomponeerd heeft. Beluister een driestemmige fuga in c-klein uit de cyclus das Wohltemperierte Klavier. Over het algemeen heeft een fuga drie tot vijf stemmen, maar in grote koor- of orkestrale fuga's zijn zelfs acht tot tien stemmen mogelijk. Minder dan drie stemmen zijn erg zeldzaam, omdat in het geval van twee stemmen het zogenaamde subject enkel tussen de eerste en tweede stem kan verwisselen. Het meest bekende voorbeeld van zo'n tweestemmige fuga is de fuga in e uit het eerste boek van Bachs Wohltemperierte Klavier. Stukken die verwante fugatische technieken gebruiken worden ook wel Fughetta of inventies genoemd. Eénstemmige fuga's zijn uiteraard onmogelijk. Wel is het mogelijk meerstemmigheid te suggereren, zoals door Bach gedaan wordt in zijn sonates en partita's voor viool en cellosolo. In het eerste deel van de vijfde suite voor cello solo schrijft Bach een suggestie van een meerstemmige fuga.

Het begrip "stem" behoeve enige uitleg: het gaat hier om een (melodie)lijn in de muziek, dit begrip impliceert dus niet dat het om een vocaal werk gaat.

Op het Festival Oude Muziek werden er fuga’s op luit gespeeld. We werden even meegenomen naar een andere wereld. Het luisteren naar een fuga is niet alleen een intellectueel genoegen, maar raakt je ook in je hart. Wij zijn naar een concert in Museum Sonnenborgh geweest. Het concert werd verzorgd door Ziv Braha die een suite en twee fuga’s van Bach speelde (J.S. Bach: Suite BWV 995; Prelude en fuga BWV 999/1000; Prelude BWV 998). Hij speelde de fuga’s op luit. Deze muziek wist ons zeker te raken. Het luisteren naar muziek van Bach kan op een verrassende manier ontspannend werken. Je raakt in een soort schemertoestand waarin er alleen nog de muziek bestaat. Op zo’n moment kan je het alleen maar eens zijn met Nietzsche die schreef dat het leven zonder muziek een misverstand zou zijn.
Terwijl ik aan het nagenieten was van deze mooie muziek heb ik nagedacht over de thema’s die in het boek van Hofstadter aan de orde komen. Hij ziet een verband tussen fuga’s, de prenten van Escher en de wiskundige theorieën van Gödel. Dat lijkt vergezocht maar dat is het niet. Hij ziet als overeenkomst dat we in al deze gevallen met zelfreferentie te maken hebben. Het gaat om een verwarrende en paradoxale vorm van zelfverwijzing. De volgende paradox is daarvan een voorbeeld;

De volgende zin is onwaar.

De vorige zin is waar.

Deze zinnen zijn normale zinnen die afzonderlijk onschuldig zijn maar in combinatie een duivelse paradox opleveren. Hofstadter noemt dit verschijnsel een Merkwaardige Lus. We zien dergelijke Merkwaardige Lussen ook in het werk van Escher. Escher heeft bijvoorbeeld een prent gemaakt van twee handen die elkaar tekenen. Ook in de fuga’s van Bach vinden we Merkwaardige Lussen. Dat maakt deze muziek ook spannend. Kurt Gödel is een wiskundige die bekend is geworden vanwege zijn Onvolledigheidsstelling. In 1931 bewees hij dat binnen een consistent formeel systeem dat fundamentele rekenkundige waarheden bewijst een rekenkundige bewering kan worden geformuleerd die waar is, terwijl dat niet met de axiomata van het systeem kan worden bewezen. Dit staat bekend als de eerste onvolledigheidsstelling van Gödel. Hij toonde verder aan dat alle formele systemen met fundamentele stellingen over rekenkunde en bewijsbaarheid inconsistent zijn: de uitspraak dat het systeem consistent is maakt dan en slechts dan deel uit van het systeem als het inconsistent is. Dit staat bekend als de tweede onvolledigheidsstelling van Gödel. De onvolledigheidsstellingen hebben betrekking op het soort zelfverwijzing waar Hofstadter het over heeft. We zien in het boek dat thema’s en patronen worden herhaald, op een vervormde wijze terugkeren of onverwachte verbanden met elkaar aangaan. Net als bij fuga’s.
Het uiteindelijke doel van Hofstadter is om te verklaren hoe een levenloos algoritmisch proces iets als leven en geest kan voortbrengen. Ook hier hebben we te maken met een Merkwaardige Lus. Ons DNA is als een fuga die is geschreven in de letters A,C ,G en T. DNA bestaat uit twee strengen van lettercombinaties van de letters A,C,G en T die elkaar weerspiegelen. Die letters zou je kunnen vervangen door cijfers en kan je beschrijven als een formeel systeem. Misschien zou je ze ook kunnen vervangen door noten. Overal zien we dezelfde patronen. Misschien zouden we de hele wereld kunnen zien als een soort muziek.
Het luisteren naar de muziek van Bach was een aanleiding om over dit soort onderwerpen na te denken. Uiteindelijk kan het luisteren naar Bach dus leiden tot het nadenken over grote filosofische vragen over de aard van het leven en het bewustzijn. De muziek van Bach is dus van een ongelooflijke rijkdom.

Raymond van Es

Bestaat privacy nog?



We leven in een tijd van razendsnelle veranderingen. Internet is nu zo ingeburgerd dat we ons niet eens meer kunnen voorstellen dat er een tijd was dat er geen Internet bestond en er zijn inmiddels meer mobiele telefoons dan mensen in dit land. Veel mensen weten nog niet goed om te gaan meet deze nieuwe technologie en hebben nog geen duidelijk beeld van de soms vervelende consequenties die deze technologie met zich meebrengt. Sommige consequenties lijken vergezocht of ver in de toekomst te liggen, andere zijn maar al te reëel en grijpen nu al in in ieders leven. De problemen die deze technologie met zich meebrengt is natuurlijk geen reden om deze van de hand te wijzen. Je houdt er nieuwe technologie niet mee tegen en bovendien zou je het kind met het badwater weggooien. Deze brengt namelijk ook fantastische nieuwe mogelijkheden met zich mee. We moeten vooral op een bewuste manier met technologie omgaan.
De belangrijkste problemen liggen op het gebied van veiligheid en privacy. Bij problemen met veiligheid denk ik niet in de eerste plaats aan onbewezen spookverhalen over GSM toestellen die je hersenen aan zouden tasten. Ik denk in dit verband vooral aan de vraag hoe veilig onze gegevens zijn. We zijn slordig met onze computers en onze gegevens. Daardoor is bijvoorbeeld het stelen van creditcardgegevens aan de orde van de dag. Het probleem ligt in dit geval zowel bij de gebruiker als bij de banken en creditcardmaatschappijen. Creditcardgegevens zijn te koop voor bedragen tussen de vijftig cent en vijf euro per creditcard, afhankelijk van de hoeveelheid geleverde data. Deze bedragen geven al aan dat het voor een beetje handige criminele hacker kinderspel is om aan deze gegevens te komen.
Naast criminelen zijn bedrijven natuurlijk ook geïnteresseerd in onze persoonsgegevens. Men wil gegevens over ons hebben zodat men weet wat we zoal kopen en wat onze interesses zijn. Dit geeft de mogelijkheid om gerichte te komen. Dit was ook de gedachte achter de bonuskaart van Albert Heijn. Gelukkig hebben we in Nederland een Commissie Bescherming Persoonsgegevens (CBP). Deze commissie heeft bepaald dat aangezien deze kaart wordt gebruikt om met het tonen van deze kaart bij aanbiedingen kortingen te krijgen op producten het geen redelijk doel dient om de persoonsgegevens van klanten op te slaan. Tegenwoordig slaan bedrijven niet alleen gegevens op van hun klanten ten behoeve van hun marketing, maar moeten ze deze gegevens opslaan ten behoeve van de overheid. Bedrijven dreigen hierdoor een verlengstuk van justitie te worden.
We zijn nu bij het belangrijkste gevaar aangekomen; de overheid. ‘Nederland verandert langzaamaan in een totalitaire maatschappij, mogelijk gemaakt door de vrijwillige dienstbaarheid aan de autoriteit van de onderdanen. Zij behoeven slechts één woord – het woord ‘neen’- te zeggen om aan deze hele ondemocratische onzin een einde te maken.’Schreef Arthur Lehnin, een bekende anarchist, in 1970. Hij protesteerde in die tijd tegen de volkstelling. Deze volkstelling riep massaal verzet op bij de bevolking en is met succes tegengehouden. Het woord privacy deed toen zijn intrede. Tegenwoordig is het droevig gesteld met het privacybewustzijn bij de Nederlandse bevolking en lijkt het moeilijker dan ooit om de privacy te beschermen. We zijn al heel veel van onze privacy kwijt en krijgen met steeds meer nieuwe bedreigingen van onze privacy te maken. Op dit moment is minister Klink bijvoorbeeld bezig met het invoeren van het EPD (Elektronisch Patiënten Dossier). Daarin worden al je medische gegevens opgeslagen. Zorgverleners kunnen zo medische gegevens met elkaar delen. Niet iedereen kan je EPD zo maar inkijken. Daar heb je een soort code, een UZI pas, voor nodig. Het EPD is geen database maar een landelijk schakelpunt. Het EPD roept veel vragen op met betrekking tot privacy. De gegevens die er instaan zijn immers nogal vertrouwelijk en gevoelig. Wie garandeert dat deze gegevens niet uiteindelijk terechtkomen bij een zorgverzekeraar? Kan de bedrijfsarts zomaar bij je gegevens? De vertrouwensrelatie tussen arts en patiënt wordt danig onder druk gezet. Of de kwaliteit van de zorg er door het EPD op vooruit gaat is ook nog maar de vraag. Ondertussen lijken de meeste Nederlanders zich nergens druk om te maken. Slechts 170.000 mensen hebben bezwaar gemaakt tegen het EPD. Kennelijk liggen we niet wakker van onze privacy.
“’Je hebt toch niets te verbergen?’ Met dat argument worden alle dissidente stemmen gesmoord. Maar als je niets te verbergen hebt, geef me dan eens snel je pincode’, zegt Hans Franken, hoogleraar informatierecht aan de Universiteit van Leiden en Eerste Kamerlid voor het CDA. Men voert als argument aan dat het opslaan van onze gegevens nodig is in de strijd tegen terreur en criminaliteit. De proporties worden echter uit het oog verloren en de maatregelen zijn uiteindelijk niet efficiënt. “Er is een continue roep om hard tegen terrorisme en criminaliteit op te treden. De regering geeft hieraan toe en wil graag daadkrachtig lijken. En het parlement verzet zich er niet tegen”, aldus Franken.
Volgens een Europese richtlijn moet al het telefoon- en internetverkeer zes maanden tot twee jaar bewaard worden. Deze richtlijn is versneld tot stand gekomen na de terreuraanslagen in de Londense metro van 2005.
Het telefoongesprek zelf wordt niet opgenomen. Wel worden de datum en de duur van ieder gesprek bijgehouden. Bij vaste telefoons worden ook naam en adres van de beller bewaard en bij mobiel bellen en sms’jes versturen wordt de locatie van de gebruiker opgeslagen. Bij internet wordt het IP-nummer en huisadres van de gebruiker genoteerd.
Tot wat voor problemen dit kan leiden illustreert Franken met het volgende voorbeeld; “Een man belde laatst in België vanuit de auto naar zijn vrouw. De volgende dag kreeg de nietsvermoedende man een belletje van de politie. ‘Meneer. We zagen dat u gisteren daar en daar was, waar ook een inbraak was gepleegd, Wat deed u daar?’ Deze man had niets met deze inbraak te maken, maar voelde zich toch in de verdediging gedrukt. Dit is natuurlijk onaanvaardbaar.
‘Privacy is als een immuunsysteem. Een mens moet zelf weten wat een ander mag weten en wat niet. Dat immuunsysteem wordt nu afgebroken.’ Stelt Franken. Het is dus van het grootste belang dat we onze privacy verdedigen. In 2000 werd door een aantal bezorgde burgers de stichting Bits of Freedom opgericht. Deze stichting zette zich in voor digitale burgerrechten en zoals privacy op internet en vrijheid van meningsuiting. Helaas is Bits of Freedom in 2006 ter ziele gegaan. Het is te hopen dat er op niet al te lange termijn weer een dergelijk initiatief komt.
Iemand die duidelijke denkbeelden heeft over hoe we in deze tijd moeten omgaan is de socioloog Paul Jansen. Hij heeft een manifest opgesteld waarin hij de belangrijkste beginselen met betrekking tot privacy heeft vastgelegd. Hij heeft dit het iDNA Manifest 3.0 genoemd. Dit zou de basis kunnen vormen voor wetgeving op het gebied van privacy die is toegesneden op deze tijd. Een belangrijk principe van dit manifest is dat informatie over jou ook eigendom is van jou. Je zou het volledige beschikkingsrecht over je persoonsinformatie moeten hebben. Jansen heeft zijn beginselen op een werkbare manier uitgewerkt. Het is nu aan politici om dit te vertalen in wetgeving en aan ons burgers om de politiek daartoe onder druk te zetten. We moeten blijven vechten voor onze grondrechten. Blijf waakzaam!

Raymond van Es